de properste kaart van België
Europees energielabel van een wasmachine, met de klasse en het verbruik per honderd wasbeurten
Het energielabel rekent met het ecoprogramma op 40 graden — precies het programma dat het langst duurt en het minst verbruikt. Foto: Paul Terol, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.

Energiezuinig wassen

Eén getal verklaart bijna alles: ongeveer 90 procent van de stroom die een wasmachine gebruikt, gaat naar het opwarmen van het water. De motor die de trommel draait, is een rekenfout in vergelijking.

Daaruit volgt de hele rest.

De temperatuur is de knop die telt

Van 60 naar 40 graden halveert het verbruik ruwweg. Van 40 naar 30 scheelt nog eens een derde. Elke stap omlaag is direct winst, en moderne wasmiddelen met enzymen werken ook koud — dat is precies waarvoor ze gemaakt zijn.

Waar je níét onder moet gaan:

De rest kan op 30 of 40. Meer daarover in op welke temperatuur wassen.

Waarom het ecoprogramma zo lang duurt

Dit is de tegenintuïtieve: het ecoprogramma duurt langer en gebruikt minder. Het warmt het water minder op en compenseert dat met tijd — langer weken en bewegen doet wat hitte anders doet.

Een programma van drie uur op 40 graden verbruikt dus minder dan een van anderhalf uur op 60. Dat voelt verkeerd, en het is toch zo. Zie hoelang duurt een wasbeurt.

Het omgekeerde geldt ook: een kort of snelprogramma is niet zuinig. Het compenseert de korte tijd met een hogere temperatuur en meer water.

Een volle trommel

Een halfvolle machine gebruikt bijna evenveel stroom als een volle: het water moet toch opgewarmd. Twee halve ladingen kosten dus bijna het dubbele van één volle, en wassen slechter — zie hoeveel kilo was in de trommel.

Driekwart vol is het optimum: genoeg was om het verbruik te verdelen, genoeg ruimte om schoon te worden.

De droogkast is de echte kostenpost

Een wasbeurt op 40 graden gebruikt ergens rond een halve kilowattuur. Een droogkast doet daar makkelijk het drie- tot vijfvoudige van, want die moet liters water verdampen.

Dus, op volgorde van wat het meest oplevert:

  1. Buiten of binnen drogen in plaats van in de kast. Zie was buiten drogen en was drogen in huis.
  2. Hoog centrifugeren als je wél droogt. Elke minuut extra centrifugeren spaart vele minuten droogtijd, en centrifugeren kost bijna niets. Let op bij fijne was en kreukgevoelige stof.
  3. Het pluizenfilter leegmaken, thuis dan toch. Een vol filter maakt een droger merkbaar trager. In een salon doet de uitbater dat — zie in de droogkast.

En in een wasserette?

Daar betaal je niet per kilowattuur maar per beurt, dus de rekensom verandert.

En het grotere plaatje: een professionele machine die de hele dag draait, verbruikt per kilo was minder dan een huishoudmachine die halfvol staat te draaien. Dat is een van de argumenten in wasserette of eigen wasmachine.

Wat weinig uitmaakt

Alle thema's · Register A–Z