Je wasmachine schoonmaken
Het klinkt tegenstrijdig: een apparaat dat de hele dag met zeep en heet water werkt, zou zichzelf toch schoon houden? Het omgekeerde is waar. Wasmiddel, wasverzachter en kalk laten een laagje achter, en dat laagje is precies waar bacteriën en schimmel op gedijen. Op een gegeven moment ruikt je was muf terwijl de machine goed werkt.
Vier plekken, in volgorde van hoe vaak ze aandacht vragen.
1. De rubberen manchet
De rubberen ring rond de deur van een voorlader is dé plek waar het misgaat. Onderin die plooi blijft water staan, en daar groeit de zwarte aanslag die iedereen kent.
- Sla de plooi open en veeg hem uit met een doek en wat allesreiniger of azijn. Wekelijks als je vaak wast.
- Zwarte stipjes die terugkomen zijn schimmel die in het rubber zelf getrokken is. Die krijg je er met bleekwater tijdelijk uit, maar structureel is de oorzaak vocht dat niet weg kan.
- Laat de deur op een kier staan na elke beurt. Dit is de belangrijkste maatregel en hij kost niets. Een dichte trommel droogt niet.
2. Het wasmiddellaatje
Trek het er helemaal uit — bij bijna elke machine kan dat, meestal met een knopje in het middenvak. Spoel het af onder de kraan en borstel de hoekjes uit. Kijk ook in de holte waar het laatje in zit: op het plafondje daarvan zit vaak een dikke laag zeepslijm.
Een laatje dat verstopt raakt, doseert onbetrouwbaar, en dan blijft er wasmiddel achter dat je was grauw maakt. Zie wasmiddel doseren.
Elke maand volstaat.
3. Het pluizenfilter
Onderaan de machine, achter een klepje. Leg er een platte schaal en een handdoek onder, want er komt altijd meer water uit dan je denkt.
Hier verzamelt zich wat er uit je zakken is gekomen: munten, haarspelden, een enkele sok. Zie wat mag niet in de wasmachine voor waarom dat filter er is.
Twee tot vier keer per jaar, en meteen als de machine slecht afpompt.
4. De trommel zelf
Een lege beurt op de hoogste temperatuur, zonder was:
- Met waspoeder (niet vloeibaar): het bleekmiddel erin pakt aanslag en geur aan. Zie waspoeder, vloeibaar of capsules.
- Of met schoonmaakazijn tegen kalk, als je in een streek met hard water woont — wat in grote delen van Vlaanderen zo is. Zie hard water en kalk.
- Niet allebei tegelijk: azijn en bleekmiddel horen niet in dezelfde trommel.
Eén keer per maand, of vaker als je bijna altijd koud wast.
Dat laatste is de kern van het probleem: wie alles op 30 graden draait, spaart stroom maar geeft vet en zeep de kans zich op te bouwen. Eén warme beurt per maand is het tegengif. Zie energiezuinig wassen voor de afweging.
Wat je niet hoeft te kopen
Er bestaan poeders, tabletten en flessen “wasmachinereiniger”. Ze werken, en ze doen niet veel meer dan een dosis waspoeder op 90 graden. De prijs per beurt ligt een veelvoud hoger.
Wat níét helpt: wasverzachter om geur te maskeren. Die is juist een van de bronnen van het laagje waar de geur uit komt. Zie wasverzachter.
Ruikt je was nog steeds muf?
Dan zit het probleem misschien niet in de machine maar in de was zelf, of in hoe snel je hem eruit haalt. Dat staat in handdoeken die muf ruiken.
En in een wasserette?
Daar is dit het werk van de uitbater, en dat is een van de stille voordelen van een salon: professionele machines krijgen onderhoud omdat stilstand geld kost. Zie is een wasserette hygiënisch.
Wat jij wel kunt doen voor je laadt: kijk even in de trommel en veeg zichtbaar vuil weg. Wat de vorige klant achterliet, wast anders mee met jouw lading — en laat de deur open als je vertrekt, net zoals thuis.