Leer en imitatieleer
Er zijn twee soorten leer in je kast, ze zien er hetzelfde uit en ze vragen het tegenovergestelde. Het verschil kennen scheelt een jas.
Eerst: wat heb je?
Echt leer is dierenhuid, gelooid en gevet. Water spoelt die vetten eruit, waarna het leer hard wordt, krimpt en scheurt. Een wasbeurt is onherstelbaar.
Imitatieleer (kunstleer, PU-leer, skai) is een laagje polyurethaan op een textielrug. Dat is plastic op stof, en dat verdraagt water in principe wel — al is de lijmlaag ertussen gevoelig voor warmte en beweging.
Zo zie je het verschil:
- De achterkant. Echt leer heeft aan de binnenkant een ruwe, vezelige suèdekant. Imitatie toont een gelijkmatig geweven doek.
- De rand. Snijranden van echt leer zijn ruw en vezelig; bij imitatie zie je een strakke lijn met stof eronder.
- De poriën. Echt leer heeft een onregelmatig patroon, imitatie een patroon dat zich herhaalt — kijk lang genoeg en je ziet het terugkomen.
- Het etiket. “100% polyurethaan” of “PU” betekent imitatie. Een symbooltje van een huidje betekent echt leer.
Vind je het niet uit, behandel het dan als echt leer. Die kant van de vergissing is goedkoper.
Echt leer
Niet in de wasmachine, niet in de droogkast, niet weken. Ook niet op een fijnwasprogramma, ook niet in een netje. Wat wel kan:
- Afnemen met een licht vochtige doek en daarna droogwrijven.
- Leervoedende crème twee keer per jaar, dun aangebracht. Dat vervangt de vetten die er met de tijd uit gaan.
- Vlekken meteen deppen, niet wrijven. Vet trekt in leer en blijft; een verse vlek strooi je in met maïszetmeel of talk, laat je een nacht staan en borstel je weg.
- Een leerspecialist of droogkuis voor alles wat verder gaat. Dat kost geld, en het is nog altijd goedkoper dan een nieuwe jas. Zie droogkuis of wasserette.
Nat geworden in de regen? Laat het op kamertemperatuur drogen, op een brede hanger, ver van radiator, kachel en föhn. Warmte is wat leer krom trekt, niet het water zelf.
Suède en nubuck zijn nog gevoeliger: die borstel je droog met een suèdeborstel, en water laat er vlekken op na.
Imitatieleer
Hier kan meer, met voorbehoud. Kijk eerst op het etiket, want veel stukken staan er toch als “alleen reinigen” op — vaak door de voering of de lijm, niet door het materiaal zelf.
Mag het in de machine, dan:
- Koud of 30 graden, fijnwasprogramma.
- Binnenstebuiten in een waszakje.
- Weinig vloeibaar wasmiddel, geen poeder: korrels schuren de toplaag. Zie waspoeder, vloeibaar of capsules.
- Geen wasverzachter, geen bleekmiddel.
- Laagste centrifugetoeren of geen centrifuge.
- Nooit in de droogkast, en niet in de zon drogen: de PU-laag wordt bros en gaat barsten. Op een hanger in de schaduw. Zie was buiten drogen.
- Niet strijken.
Voor het dagelijkse werk is een vochtige doek met een druppel afwasmiddel meestal genoeg — imitatieleer neemt geen vuil op, het zit erop.
Wat er in een gedeelde trommel gebeurt
Beide soorten leer horen om nog een reden niet zomaar in een salon: een leren stuk kan afgeven op de rest van de lading, zeker donker geverfd leer in warm water. En de gespen, drukknopen en ritsen van een jas zijn precies wat de trommel van iemand anders bekrast.
Wil je toch een imitatiejas in een salon wassen, doe hem dan in een netje en draai hem alleen. Wat er verder niet in hoort, staat in wat mag niet in de wasmachine.
Kleine stukken
- Riemen en tassen: nooit in water, alleen afnemen.
- Leren handschoenen: er bestaat wasmiddel voor, maar met de hand en lauw. Trek ze nat aan zodat ze weer in je handvorm drogen — klinkt vreemd, werkt.
- Kleding met alleen een leren detail (een kraag, een bandje, een zak): behandel het hele stuk als leer, want dat detail wast mee. Zie ook was sorteren.